Nationale Ombudsman doet aanvullend onderzoek n.a.v. klacht Participatie Westelijke Ontsluiting

PERSBERICHT d.d. 26 april 2016

Nationale Ombudsman doet aanvullend onderzoek n.a.v. klacht Participatie Westelijke Ontsluiting

 

De Nationale Ombudsman heeft een Voorlopig Verslag van Bevindingen gemaakt op basis van de klacht over het participatieproces met betrekking tot de Westelijke Ontsluiting dat door een aantal bewonersorganisaties is ingediend. Op basis van deze bevindingen doet de Nationale Ombudsman nader onderzoek en heeft hij de Gemeente Amersfoort een aantal onderzoeksvragen voorgelegd.

Allereerst heeft de Nationale Ombudsman de klacht als volgt geformuleerd:

Verzoekers klagen er over dat de gemeente Amersfoort bij de besluitvorming over de Westelijke ontsluiting:

  • haar eigen beleidsregels rond      participatie niet heeft nageleefd;
  • deze regels gedurende het      besluitvormingsproces heeft gewijzigd en
  • hen na februari 2013 niet meer      om advies heeft gevraagd, terwijl dat op basis van de door de gemeenteraad      vastgestelde regels wel had gemoeten

De vragen die de Nationale Ombudsman vervolgens in het kader van zijn onderzoek aan het College van B&W heeft voorgelegd zijn:

  1. Kunt      u nader motiveren waarom u tot de conclusie bent gekomen dat de rol van de      Participatiegroep niet is gewijzigd en daarbij ingaan op hetgeen      verzoekers daarover opmerken?
  2. Kunt      u, met inachtneming van de opmerkingen van verzoekers, motiveren waarom u      van mening bent dat de gemeente Amersfoort haar eigen regels rond      participatie wel juist heeft nageleefd?
  3. Kunt      u aangeven waarom u van mening bent dat met het besluit van de      gemeenteraad van 9 juli 2013, waarin is vastgelegd dat de nadere uitwerking      met de direct belanghebbenden plaatsvindt, is voldaan aan het      participatieniveau 'adviseren', zoals vastgelegd in de nota 'Participatie      en inspraak in Amersfoort, uitgangspunten, spelregels en      afwegingsinstrumentarium' van maart 2009?

De Gemeente heeft 4 weken de tijd om hierop te reageren. De bewonersgroepen hebben daarna nog de gelegenheid om te reageren.

In de eerste plaats zijn wij blij met het onderzoek. Daarnaast verwachten wij  dat in het kader van een zorgvuldige behandeling nu het bestemmingsplan Westelijke Ontsluiting niet eerder aan de Gemeenteraad kan worden aangeboden, dan het onderzoek van de Nationale Ombudsman is afgerond. Immers zonder de uitkomsten van dit onderzoek kan de Gemeenteraad niet beoordelen of er sprake is van een zorgvuldig proces. Mocht het College toch overwegen het bestemmingsplan eerder vast te willen stellen, dan zal o.i. dit zwaar wegen bij een eventuele procedure bij de Raad van State.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

De klacht is ingediend door:

Buurtcomité Beroemde Vrouwenbuurt, de Bewoners BW-laan-Noord, Milieudefensie Amersfoort,

Stichting Woonklimaat Berg, Samenwerkende Groeperingen Leefbaar Amersfoort en de

Vereniging Behoud Bosgebied Birkhoven Bokkeduinen.

=================================================================================

Met vriendelijke groet

Peter de Langen

Voorzitter Samenwerkende Groeperingen Leefbaar Amersfoort (SGLA)

Peiling Strategie Sociale Woningbouw

Peiling Strategie Sociale Woningbouw

Van:        SGLA

Datum:   25 april 2016

Geachte Raadsleden,

De SGLA zal de Peiling Strategie Sociale Woningbouw én de bijbehorende bijlagen bespreken op de eerstvolgende ledenvergadering. Het gaat om een stads brede Strategie waarvan wij vinden dat deze ook stads breed besproken moet worden. Dit is tegelijkertijd ons eerste kritische punt op deze Strategie sociale woningbouw. Er worden veel locaties genoemd, zonder dat hierover met bewoners in de betreffende wijken en buurten is gesproken. Het is helaas dus weer het oude liedje. Wij betreuren dit ten zeerste.

Wij verzoeken u dus geen standpunten in te nemen over de diverse locaties maareerst met bewoners c.q. belanghebbenden in gesprek te gaan. Wie weet komen er nog verrassende effecten uit voort.

Omdat wij veel vragen hebben, leggen wij deze aan u voor met het verzoek deze in uw discussie mee te nemen:

  1. De Strategie sociale woningbouw geeft een vage onderbouwing van de noodzaak voor meer bouwlocaties. Wij hadden, mede n.a.v. de toezegging hierover, een uitgebreide en meer specifieke onderbouwing verwacht.
  2. Wij zien geen bouwlocaties uit de regio opgenomen, terwijl daar toch nog diverse bouwplannen zijn. Met betrekking hiertoe onze vraag: hoeveel sociale woningen moeten er op dezelfde termijn in totaal nog in de regio gemeentes gerealiseerd worden? Zijn Nijkerk en Barneveld meegerekend?
  3. Wij zien geen relatie opgenomen met de bouwplannen van bijvoorbeeld de steden Utrecht, Amsterdam en Almere. In het verleden is gebleken dat Amersfoort een alternatief is voor de Randstad, zolang daar niet wordt gebouwd. Utrecht, Almere en Amsterdam zijn direct in beeld zodra daarwel wordt gebouwd. De concurrentie met Leidsche Rijn is niet in beeld gebracht. Dit lijkt ons onverstandig. Een juiste analyse en volledige analyse hierover lijkt ons noodzakelijk.
  4. Graag vernemen wij hoe de gemeente invloed wil uitoefenen op doorstroming van zgn. scheefwoners. Met de huidige huurprijzen van sociale woningbouw is het trouwens de vraag of er nog wel sprake is van scheef wonen. Met betrekking tot dit punt is inmiddels al vast komen te staan dat steeds meer huurders hun huur niet meer kunnen betalen. Dit mede i.v.m. het feit dat voor de sociale woningbouw in 2013, 2014, 2015, en 2016, dus dit jaar voor het 4e opeenvolgende jaar, de huren in 3 categorieën, t.w. inkomens tot ca. 34.500; vervolgens tot ca. 44.000 en tot slot boven de 44.000 resp. met tussen de 2,5 en 5 of 6% verhoogd zijn.
  5. De druk op de woningbouw is ook tot stand gekomen door de toewijzing aan urgente gevallen. Er is geen duidelijke verklaring toegevoegd om wat voor soort gevallen het gaat. Is bijvoorbeeld het slopen van goedkope sociale woningbouw een oorzaak? Hebben zittende huurders van die woningen c.q. complexen voorrang gekregen? Hoe zit het met de verkoop van sociale huurwoningen en is er daardoor extra druk ontstaan op de woningmarkt?
  6. Is het systeem van woningtoewijzing mede oorzaak van de druk op de woningmarkt? Is er sprake van toename door de regionale verdeling of juist niet. Waarom is dit niet in de analyse meegenomen?
  7. Is de lijst van woningzoekenden bepalend geweest voor de strategie sociale woningbouw en zo ja, is deze lijst ook “geschoond”?
  8. Is er al een analyse gemaakt of de beoogde kantoorlocaties geschikt zijn voor woningbouw en zo ja om hoeveel woningen gaat het dan?
  9. Is er al een analyse gemaakt m.b.t. hoeveel woningen er op De Hoef kunnen worden gerealiseerd en wordt daarbij ook aan voorzieningen gedacht als winkels en parkeren.
  10. Waarom moet de Gemeente extra geld investeren in sociale woningbouw terwijl dit de taak is van de corporaties? Bij de kadernota zullen jaarlijks budgetvoorstellen worden gedaan op basis van kansrijke locaties en financiële condities en zal worden bezien in hoeverre werkkapitaal aangevuld moet worden. Is de financiële positie van de Gemeente al van dien aard dat de kadernota hiervoor genoeg ruimte biedt?
  11. Indien De Alliantie, Portaal en Omnia Wonen in het kader van de regiovorming (Woningwet) niet meer mogen investeren in Amersfoort, overweegt de Gemeente dan een eigen Woningbedrijf.
  12. Naast sociale woningbouw, zo wordt gezegd, zullen ook duurdere woningen moeten worden gerealiseerd. Op welke analyse is dit gebaseerd en wat zijn hiervan de consequenties voor de totale woningbouw op binnenstedelijke locaties?
  13. Is er over de zgn. kansrijke locaties al overleg geweest met bewoners c.q. belanghebbenden? [par. 4.7] Zo ja, wanneer en zo niet waarom niet? Hoe denkt men en/of gemeente draagvlak te krijgen, als niet op voorhand samenwerking wordt gezocht? Wat zijn de criteria geweest voor het mogelijk kansrijk zijn?
  14. De lijst kansrijke locaties is “dynamisch”. Wat zijn de criteria voor het al dan niet doorgaan? Er is sprake van een “groslijst” met zoeklocaties. Zijn de locaties die niet op de dynamische lijst zijn terecht gekomen nu definitief afgevallen?
  15. Er wordt gesproken over een zgn. “Intaketeam” en over het meegeven van randvoorwaarden aan initiatiefnemers. Welke zijn dat? Is één van die randvoorwaarden ook het vroegtijdig betrekken van bewoners, voordat er al uitgewerkte plannen zijn? Zie ook paragraaf 4.7 waarbij er sprake is van “kunnen” en “informeren” i.p.v. samenwerken.
  16. Is de positie van bewoners gelijk aan die van ontwikkelaars? Of wordt voor de laatsen de rode loper uitgelegd en hebben bewoners per definitie een achterstand in de besluitvorming?
  17. In de “Lokale Actiegroep”(paragraaf 4.5) is iedereen vertegenwoordigd, behalve …. de bewoners. Waarom?
  18. Hoe kan het dat belangrijke ecologische verbindingszônes zijn opgenomen in bijlage 4 zoals de Kop van Schothorst en de Valleikanaalzône, terwijl de laatste eerder zelfs was vervallen?
  19. Heeft de gemeente onderzocht wat bij vergaande verdichting de gevolgen zijn voor de leefbaarheid? Is er een soort norm (SMART) te bepalen?
  20. Wat wordt bedoeld met het optimaliseren van AV-locaties? Moeten wij daarbij denken aan zgn. Okselprojecten, dus het aanbouwen en optoppen van bestaande complexen? Dit heeft in het verleden voor veel onrust gezorgd. Hoe wordt de rol van zittende bewoners geborgd?
  21. Wat wordt de rol van de Raad in haar controlerende en volks vertegenwoordigende taak in deze strategie sociale woningbouw? Wanneer en hoe kunnen bewoners hierover terecht bij de Raad?
  22. In deze strategie sociale woningbouw is Vathorst West niet genoemd. Mogen wij er vanuit gaan dat deze locatie nu van de baan is?

Wij zijn van mening dat nu er nog zoveel vragen zijn, u als Raad, nog niet zondermeer akkoord kunt gaan met deze strategie sociale woningbouw. Aangezien 2 minuten veel te kort is om al deze zorgpunten aan de orde te stellen, hebben wij er voor gekozen om u vooraf onze vragen schriftelijk te doen toekomen en mede daardoor onze zorgen kenbaar te maken.

Betreft: Bijdrage Ronde Tafel Participatie 5 april

Betreft: Bijdrage Ronde Tafel Participatie 5 april

Amersfoort, 31 maart 2016

Geachte Raadsleden,

Op 5 april is er een Ronde Tafelgesprek over Participatie. Wij willen u onze gedachten daarover alvast per (openbare) brief aan u toezenden, zodat u dit kunt betrekken bij uw gesprek.

Voorzet bij procedures Ruimtelijke Ordening.

Het is altijd van belang dat voordat een RO-plan wordt opgesteld het draagvlak in buurt en/of wijk wordt getoetst. (wordt ook eis in de nieuwe Omgevingswet)

Door middel van de voorwaarde, dat een eenvoudige aanvraag voor een ontheffing en/of vergunning met vooraf fiattering door direct belanghebbende[n] [bijv. buren], wordt het mogelijk gemaakt de ontheffing en/of vergunning direct te verlenen.

Bij ruimtelijke plannen van Gemeente en/of een Ontwikkelaar zou vooraf altijd eerst een buurt/wijkonderzoek moeten plaatsvinden, waarbij gebruik gemaakt moet worden van bestaande én nieuwe structuren van de woonomgeving. Bij het onderzoek moeten de volgende vragen aan de orde komen:

  • Heeft de buurt/wijk bezwaren tegen de voorgenomen      plannen en zo ja welke?
  • Zijn de bezwaren zwaarwegend (dus een duidelijk nee      tegen de plannen)?
  • Zijn de bezwaren op te lossen door de plannen aan      te passen?
  • Is de buurt/wijk bereid mee te denken m.b.t.      voorstellen dan wel aanpassingen van de plannen?
  • Kan er een Participatiegroep gevormd worden om op      basis van gelijkwaardigheid

                de plannen nader uit te werken?

  • Welke criteria zijn van toepassing
  • Moet er een meer of minder ingrijpende bestemmingsplanwijziging      plaatsvinden?
  • Passen de plannen (globaal onderzoek) binnen de      structuurvisie qua randvoorwaarden, bestemming, hoogte etc.?
  • Zijn er milieutechnische of andere problemen      (globaal onderzoek) te verwachten?
  • Is er sprake van (grootschalige) kap dan wel      aanmerkelijk verlies van natuurwaarden?
  • Etc.

Op basis van dit buurt/wijkonderzoek wordt een rapportage gemaakt en voorgelegd aan de Raad voor een Rondetafelgesprek met ontwikkelaar en bewoners.

Afhankelijk van de uitkomsten van dit Ronde Tafelgesprek beslist de Raad:

  1. Plannen worden stopgezet. Dit gebeurt op basis van      argumenten die besproken moeten worden.
  2. De gemeente wordt gevraagd een voorstel te maken      voor een Programma van Eisen dat ter besluitvorming (peiling met      mogelijkheid tot inspreekrecht) aan de Raad wordt voorgelegd. Daarna volgt      de nadere uitwerking met participatie. Uitwerking met participatie kan      wanneer er weinig weerstand is en er bereidheid is (van alle      betrokkenen/belanghebbenden) om tot planvorming te komen. Een Programma van      Eisen is dan het toetsingskader.
  3. Plannen kunnen nader worden uitgewerkt door      Participatiegroep en Ontwikkelaar op basis van gelijkwaardigheid.      (co-creatie) Dit uitgewerkte plan wordt daarna voorgelegd aan de Raad ter      bespreking. Dit kan voor gevallen waarin veel weerstand op de voorgestelde      plannen wordt ondervonden, maar wel bereidheid is om te komen tot      planvorming op de betreffende locatie.
  4. Plannen roepen geen weerstand op en kunnen worden      uitgewerkt met de normale participatie.

Wij verzoeken u deze brief op te nemen onder de vergaderstukken van de agenda, zodat deze brief ook voor een ieder toegankelijk is.

Met vriendelijke groeten

Namens

Samenwerkende Groeperingen Leefbaar Amersfoort

Peter de Langen

Voorzitter

                              

Inspreken bij agendapunt Belgenmonument

Inspreken bij agendapunt Belgenmonument

Door Peter de Langen

Namens Samenwerkende Groeperingen Leefbaar Amersfoort (SGLA)

d.d. 8 maart 2016

Geachte Raadsleden,

Goed dat er nu een Raadsvoorstel ligt voor kaders voor de participatie ten behoeve van het herstel van het Belgenmonument. Wellicht nog beter is het amendement, dat de kaders echt invult. Dank aan de initiatiefnemers hiervan en hopelijk krijgt dit amendement ruime steun!

Wel willen wij op enkele punten nog verduidelijking vragen. In het raadsvoorstel wordt aangegeven dat er geen plaats is voor horeca in de nabijheid van het monument en dat vestiging van de Vlasakkers hier niet meer aan de orde is. Dit is niet meer specifiek in de kaders opgenomen, maar wij gaan er vanuit dat het nu ook echt van de baan is. Graag nog een bevestiging.

Uit de kaders 5 en 6 van het amendement leiden wij af, dat er geen sprake is van het creëren van nieuwe zichtlijnen. Is dit een juiste conclusie?

In kader 9 wordt gesproken over bosbeheer, gericht op behoud van natuurwaarde en de recreatieve waarde. In het raadsvoorstel wordt nog gesproken over mogelijk hakhoutbeheer. Er is nog geen onderzoek naar de natuurwaarde bekend gemaakt, hoe kan dit kader goed worden ingevuld? Is hakhoutbeheer hiermee van de baan, of nog steeds een optie? Binnen dit kader kan zonder goed onderzoek eigenlijk nog van alles. Kunnen de initiatiefnemers van het amendement nog toelichten hoe dit precies moet worden opgevat?

Tot slot kader 12. Wij refereerden al aan het ontbreken van onderzoeken. De participatie staat (weer) onder tijdsdruk, als er eind mei al besluitvorming moet zijn. Kan er voor gezorgd worden dat alle nu al bekende informatie voor iedereen toegankelijk wordt gemaakt, bijvoorbeeld met een projectpagina op de website.

Het is nog wat fijn slijperij, maar wij zijn erg blij met het initiatief van de Raad om er voor te zorgen dat er een raadsvoorstel kwam en nu ook zeer verheugd dat een aantal partijen hun kader stellende taak goed op zich genomen hebben. Daarvoor veel dank.

Betreft: Peilnota Verkenning verkoop, ontwikkeling en intensivering sportveldenSportlocatie

Betreft: Peilnota Verkenning verkoop, ontwikkeling en intensivering sportveldenSportlocatie

Amersfoort, 8 februari 2016

Geachte raadsleden,

Dinsdag 9 februari vindt een rondetafelgesprek plaats over de verkennende notitie betreffende de verkoop, ontwikkeling en intensivering van sportvelden. Het college heeft hiervoor een peiling-document met bijlage opgesteld. Een duidelijk document waarin een aantal denkrichting is weergegeven.

De SGLA wacht met belangstelling de te voeren gesprekken af. Wel willen wij bij enkele locaties kanttekeningen plaatsen die tijdens de te voeren discussie een rol kunnen spelen. Het betreft de speelvelden van APWC, Amsvorde en van v.v. Hooglanderveen.

Of de velden van APWC een geschikte locatie vormen voor woningbouw, vergt nog veel onderzoek en breed overleg met de betreffende vereniging en andere organisaties – met name in de Kruiskamp – die van de velden gebruikmaken. De SGLA is van mening dat een discussie over eventuele woningbouw op het APWC-terrein of op een deel daarvan, integraal moet worden gevoerd. Hiermee bedoelen wij dat de consequenties van woningbouw op deze plaats moeten worden bestudeerd in samenhang met de beoogde woningbouw aan de Keerkring. Meer woningbouw, naast de nu al geplande, levert extra problemen op ten aanzien van de verkeersbelasting in de omgeving, een grotere aanslag op de fietsveiligheid rond de hoofd-fietsroute vanuit het centrum naar Amersfoort-Noord, etc. Vooralsnog zien wij een extra woningbouw locatie op deze plek niet zitten.

De locatie Amsvorde/Nimmerdor heeft een belangrijke groenfunctie in het gebied. Aan deze kant is al eens een bouwlocatie toegevoegd die destijds al veel discussie heeft opgeleverd. Wij begrijpen ook niet dat de argumentatie alleen maar lijkt te gaan over woningbouwlocaties, maar nauwelijks over de betekenins voor de buurt. In de Nota wordt gezegd: “Amsvorde is een middelgrote vereniging en de jeugdleden komen voor aan groot deel uit de buurt. Het sportpark Nimmerdor maakt onderdeel uit van een groot aaneengesloten recreatief gebied Nimmerdor. Het weghalen van deze sportfunctie zou afbreuk doen aan het gemengde karakter van dit recreatieve gebied.” Deze argumenten geven voor de SGLA de doorslag om ook deze locatie niet als woningbouwlocatie te wensen.

In de bijlage bij de collegenotitie worden opmerkingen gemaakt over andere sportvelden in onze stad. Een van de opmerkingen (pagina 11) luidt: ‘Sportpark Fithorst / Hooglanderveen. Dit zou een goede locatie voor woningbouw kunnen zijn.’ Hierover is veel op te merken maar wij beperken ons op dit moment tot de vaststelling dat de sportvelden van v.v. Hooglanderveen en Fithorst onderdeel vormen van de zogenaamde ‘Groene Zoom’ rondom het dorp Hooglanderveen. Dit begrip is in het verleden al veel geweld aangedaan. Indien de sportvoorzieningen Fithorst/Hooglanderveen alsnog een woningbouwbestemming zouden krijgen, verspeelt het Amersfoortse gemeentebestuur zijn geloofwaardigheid en betrouwbaarheid ten opzichte van de bewoners van Hooglanderveen en anderen totaal. Wij houden het er vooreerst maar op dat de opstellers van de notitie slachtoffer zijn enig gebrek aan historisch besef ten aanzien van de Vathorster geschiedenis!

Met vriendelijke groeten

Namens

Samenwerkende Groeperingen Leefbaar Amersfoort

Peter de Langen

voorzitter

                              

Raphael Smit

vicevoorzitter